Vrolijk muzikaal, beetje kritisch ook wel, volstrekt onpartijdig en redelijk begripvol. Beetje plagerig hier en daar maar een goede muzikant kan daar tegen. Tegenstander van 'festivalditis' en vooral lawaaischoppers.
Kortom: precies zoals een (klassieke-) muziekblog dient te zijn......zegt het voort , zegt het voort!
De redactie.
Tot aan zijn overlijden in september 2024 heeft Eduard gewerkt aan
deze site, die beschouwd mag worden als het resultaat van een
levenslange verbondenheid met de muziek van Bach. Alle inhoudelijke
teksten, toelichtingen en commentaren zijn van zijn hand. Na Eduards overlijden dragen, op zijn verzoek, zijn
vrouw Ria van Hengel (van wie alle vertalingen zijn) en zijn dochter
Mirjam van Hengel inhoudelijke zorg voor het voortbestaan van de site,
technisch bijgestaan door Michiel Carpentier.
Kies één van Bachs vocale werken uit de agenda of uit één van de op BWV-nr, titel of bestemming
geordende lijsten, of typ een BWV-nummer of tekst (één woord) in de
zoekbalk en vind zo al hun gegevens: teksten, vertalingen, Eduards
besprekingen, opnames, partituren etc. Ook is er een zoekfunctie
waarmee je stukken op grond van hun – vocale en instrumentale – bezetting kunt vinden.
Onder ''overig'' vindt u algemenere informatie over Bachs vocale werk, in het bijzonder over de Hohe Messe, een woordenlijst met
gehanteerde muziektermen, bronnen die Eduard gebruikte en resultaten
van enkele andere projecten zoals over de oude-muziekpionier Hans Brandts Buys, oprichter en eerste dirigent van het Utrechts Studenten Koor en Orkest (USKO) die Eduard inspireerde.
Countertenors. Vroeger had je er één hoogstens twee en de bekendste van die twee was James Bowman (1941-2023). Opera, oratoria, hedendaagse muziek.. overal dook de naam van deze Engelse countertenor op. A real gentleman.
Dan had je nog de autodidact Alfred Deller (1912-1979) maar deze zong vooral het barokrepertoire en renaissancemuziek. Benjamin Britten schreef speciaal voor Deller de rol van Oberon in A Midsummer Night's Dream maar dat bleef het enige uitstapje naar 'moderne' muziek.
Het geluid van de meeste countertenors - en d'r zijn nogal wat these days - vinden wij doorgaans vreselijk. We krijgen er jeuk van. Vuurrode bultjes ook. En opvallende littekens niet te vergeten, Prurigo is het nare gevolg.
Andreas Scholl is nog nét te pruimen maar als daarna Maarten Engeltjes z'n strottenhoofd leeg kiepert, dan draaien we alle volumeknoppen vliegensvlug helemaal open. Ja, open. En wordt Godzijdank dat akelige gegil overstemd.
Radio, TV, magnetron, afzuigkap, stofzuiger, vaatwasser, centrifuge, blender, kruimeldief, mijn zoontje van acht met z'n grootvaders Sako 85 Varmint afstandswapen (in bruikleen), accuboormachine Black+Dekker 18V, 2-takt benzine kettingzaag (90 cm), dildo model Tristan voor zowel anaal als vaginaal gebruik, noem maar op.....zelfs het schattige vintage transistorradiootje in de slaapkamer draait overuren want in een kamer waar de sponde staat, wil je niet het gekrijs van deze countertenor horen tijdens het liefdesspel. Alsof z'n wormvormig aanhangsel tussen de klapdeur van de inloopdouche bekneld zit.
Geluiden maken wij in die situatie zelf wel als u begrijpt wat we zouden kunnen bedoelen.
En nu gaan de beide heren - ooh u dacht dat het vrouwelijke alten waren, welnee, tis de schuld van de kopstem, dat angstaanjagende geluid wordt voortgebracht door de kopstem - de koppen(!?) bij mekaar steken en presenteren een duo-programma met werk van Henry Purcell die sinds het ontvangen persbericht over het een en ander ligt te bibberen in zijn tombe in Westminster Abbey. Ga d'r maar eens kijken. Hij ligt gezelli naast het orgel en dat al vanaf 1695.
De heren, hou nou toch 'ns op! het zijn heren h-e-r-e-n, zingen countertenorduetten en hebben het programma "een heerlijk huiskamerconcert van twee zingende vrienden" genoemd. En verder valt er te lezen dat het een melancholisch feest wordt. Nou ja.
Nogmaals, Scholl kunnen we nog nét verdragen in, bijvoorbeeld, Vivaldi's 'Nisi Dominus-Cum Dederit' maar dan houdt ook wel op. Als je dit schitterende werk door de Engelse countertenor Tim Mead hoort zingen, dan wint Scholl met stip. En wel met een hele dikke vette stip.
Maar terug naar Engeltjes: die stem van die kale man is ronduit afschuwelijk. Dit is niet zingen maar vooral zo hard mogelijk gillen. Luister maar 'ns in een bibliotheek naar 'Forgotten Arias' van Bach - een absurder titel voor een cd moet nog worden verzonnen. Bach heeft geen 'forgotten' arias. Neen, hij Engeltjes heeft ze "losgeweekt uit het theologische harnas van de cantate" en schrijft even verder "om te tonen dat hun schoonheid en betekenis op zichzelf kan staan" en meer van die onzinnige blabla. Dubbel op dus.
Wij van de redactie haten die man, zo'n gezellige originele haat die je steeds omringt en nimmer van je zijde wijkt. Zo'n haat die bespreekbaar is en dus een dankbaar onderwerp. Heerlijk! Vergeet snel de mildere variant die afkeer heet.
En dat uitgerekend Scholl met die kale wapstra in zee gaat en hem heeft weten te verleiden medewerking te verlenen aan het overbodige ensemble van Maarten genaamd PRJCT Amsterdam, is beslist geen reclame voor de man uit Eltville am Rhein.
De nauwelijks bekende countertenor Alex Potter is de enige van de tot nu toe genoemde zangers die voor langere tijd te verdragen is. En voor langere tijd moet u denken aan een minuut of 7 daarna is het levensgevaarlijk en dreigt opname in een hermetisch gesloten psychiatrische kliniek en dat eveneens voor langere tijd.
Want geef toe, we leven niet meer in de 18de eeuw toen jongetjes een illegale castratie moesten ondergaan teneinde een ongewone grote borstkas te krijgen. Dat was me nog 'ns een tijd.
Er wordt verteld dat de beroemdste castraat in die tijd Farinelli was die één noot een minuut lang kon aanhouden wat een prestatie was die vrouwen in het publiek in zwijm deed vallen. Waar vrouwen niet allemaal voor in zwijm vallen is een raadsel maar hysterisch is het zeker. In zwijm vallende vrouwen....stel je niet zo aan mensch!
Rustig laten liggen is ons eenmalige gratis advies.
Tot slot een rijtje countertenoren waarvan 1) verdraagbaar is, 2) minder verdraagbaar, 3) ik hoop het vol te houden maar krijg al jeuk, 4) alles begint nu te jeuken en krabben? helpt geen ene moer, 5) haal in Godsnaam een homoseksuele jeukbestrijder want het is nu niet meer te harden, 6) zet dit af!, 7) ALS JE DIT GEGIL NIET ONMIDDELLIJK AFZET, BEGA IK EEN MOORD!, 8) dit zou absoluut verboden moeten worden dit is een aanfluiting, 9) er is nu plotsklaps huiduitslag met stinkende etterzweren die aan Psalm 38 vers 5 doet denken:
'k Voel door stinkend' etterzweren
Mij verteren
Walg'lijk zijn zij voor het oog
Mijne dwaasheid deed die builen
Dus vervuilen
Daar ze mij tot kwaad bewoog.
en 10) wanhoop, pure wanhoop, dit komt nooit meer goed.
Hier is het rijtje:
1) Jakub Jozef Orlinsky
Philippe Jaroussky
Alex Potter
Franco Fagioli
Iestyn Davies
Andreas Scholl
Hugh Cutting
Michael Chance
Arturo den Hartog
2) Dmitry Sinkovsky
Matthias Dahling
3) Derek Lee Ragin
4) Bejun Metha
Raffaele Pe
5) Xavier Sabata
6) Owen Willetts
7) Maarten Engeltjes
8) David van Laar
Robert Kuizenga
9) Mirto Milani (heel héél erg vreselijk. Heeft als hobby het vermoorden van mensen w.o. z'n moeder. Las tussen de bedrijven door het boek Mama's van M. Alvarez Gonzalez))
Marco Beasley (heeft een innige relatie met Tymen Jan Bronda, laatstgenoemde springt met enige regelmaat uit een BILLY-kast van Ikea om z'n blijdschap te uiten)
10) maar de aller aller aller allere(n)gste is Sytse Buwalda. Deze 'countertenor' is zo vreselijk verschrikkelijk, dat je je niet kunt voorstellen dat er mensen zijn die notabene het tegendeel durven te beweren. Maar deze nitwit vindt zichzelf geweldig! en u weet vast wel hoe dit verschijnsel wordt genoemd. Juist, ja.
Vooral de samenwerking met die andere narcist (u had het goed..) de weerzinwekkende Pieter Jan Leusink is zo tenenkrommend erg, dat het pijn aan de oren doet.
Buwalda richtte onlangs het Nederlands Bach Consort op en daar zit nou echt niemand op te wachten. Wéér een club die de naam van J.S. Bach draagt en het wordt tijd dat er 'ns zéér kritisch wordt gekeken wie wel en vooral wie niet de naam van de maestro op de pui mag aanbrengen.
Deze club bijeengeraapte kwibussen sowieso niet want de kwaliteit is abominabel te noemen, voeg daarbij het gegil van die mega-enge Buwalda en de enige conclusie is dat het volstrekt overbodig is en hopelijk wordt er niet één eurocent verstrekt aan dit gezelschap want het is verspild geld. Dichthouden die subsidiepot!
'Nieuwbouw op de puinhopen van de coronacrisis', pretentieuzer aanprijzen bestaat niet. Die blazende kaak leidt aan een enorme zelfoverschatting en daar is maar één oplossing voor en die is:
Weet u dat van hetCanto Ostinatovan Simeon ten Holt
talloze versies bestaan? en alle op cd verkrijgbaar. Van twee piano's
(o.a door het wereldvreemde en humorloze duo Scholtes & Janssens,
als je die twee chagrijnig ziet zijn op de treurbuis - kortgeleden nog
bij Podium W. - dan is het een en al doffe ellende).
Vooral
juffrouw Scholtes is een frappant voorbeeld van een pianiste die
eigenlijk helemaal nergens zin in heeft en liefst thuis was gebleven.
Lekker depri op de bank en vooral lijden, heel veel verrukkelijk lijden.
In de wachtkamer van de Hemelse Pottenbakker.
Leuke hobby en 24/7 beschikbaar. Gezelli!
Saai, dor, bewust niet-vriendelijk
en oervervelend. Schielijk uit het Hollandse doosje gewipt waaruit de
noodzakelijke ambitie en het muzikaal talent al lang geleden verdween.
Jammerlijk mislukt dit duo, pretenties zat maar daar komt niks van
terecht, de zuurgraad is hoog en dus onverdraaglijk. Akelige lui dit
stel. Overbodigheid speelt de hoofdrol.
Wij hadden in een ver verleden te maken met het Franse pianoduo Katja en Marielle Labeque. Een 2-tal zéér muzikale maar ook geestige dames waar we ongelooflijk veel plezier mee hebben gehad.
Mijn
toenmalige vrouw raakte innig bevriend met beide en kon er jaren later
nog enthousiast over vertellen. Twee belezen, geestige maar vooral
beschaafde mensen.....het was een voorrecht om dit pianoduo te hebben
gekend. Als ze in Nederland optraden kwamen de levenslustige dames
steevast bij ons logeren en dat waren heerlijke en gedenkwaardige
avonden. Wijn uit de Betere Kelder ontbrak vanzelfsprekend nimmer en
bleek altijd maar weer een zalige 'begeleider' tijdens deze
bijeenkomsten.
Nu zijn er jonge mensen op
weg om ook te proberen hun sporen te verdienen door in het muzikale
leven een prima indruk achter te laten.
We denken dan direct aan Sheku Kanneh-Mason, cello en zijn zus Isata Kanneh-Mason,
piano. Als je deze getalenteerde mensen hoort en ziet spelen, dan knalt
het plezier er van af. Dat geldt overigens voor de hele familie Kanneh-Mason
want elk lid bespeelt een instrument. Wat zou het leuk zijn als we dit
type duo's in dit land hadden die én voortreffelijk spelen én er
ogenschijnlijk lol in hebben. Maar hier is het is allemaal zo vreselijk
serieus, zwaar en chagrijnig, mijn God, en die moeten nog een lange weg
afleggen....
Maar waren we gebleven. Oh
ja, we hadden het over Canto Ostinato van die onooglijke druiloor Ten
Holt. Voor twee piano's dus, drie piano's tot maar liefst 4 (vier!)
piano's, en van 2 kistorgels samen met 2 marimba's, het kan niet op.
Zelfs een octet van cellisten heeft de repeterende noten van die
tandeloze zenuwlijder op een cd uitgebracht. Ronduit verschrikkelijk!
Iedereen wil een graantje meepikken van de hype Ten Holt. 't Zou me niet verbazen als er binnenkort een versie voor 1 gehandicapte lesbische mezzo-sopraan ('ze is zo gewoon gebleven...'), 112 piccolo's en een tropical steelband verschijnt die uitsluitend bestaat uit 60+ transgenders. Ik wist niet dak het in me had.
Er bestaat een heuse Canto-industrie.
Telkens maar weer nieuwe opnamen in alle mogelijk combinaties van
instrumenten. Maar het blijft pure kitsch. In welke variant dan ook.
Oervervelende 'muziek' en misselijkmakend overschat.
De tandeloze componist uit Bergen wordt in vaak één adem genoemd met minimal music kopstukken Philip Glass, Steve Reich en Terry Riley. Wie dit heeft bedacht is een raadsel.
De
'muzikale' goegemeente wordt nu weer opgeschrikt door het zoveelste
dieptepunt in de Canto-reeks. Het is de zelfbenoemde pianist Jeroen van Veen (natuurlijk speelde hij ook een schijfje vol met eentonige muziek van Piazzolla,
u weet wel, dat is die Argentijn die één melodie schreef en daarna
talloze variaties op die ene melodie) die kennelijk niet genoeg krijgt
van de omhooggevallen Ten Holt want samen met zijn lieftallige eega
produceerde hij wéér een opname, de zoveelste, van de kaskraker. Van
Veen bracht ook een cd uit op het Kruidvat-label Brilliant Classics met oervervelende muziek van ene Max Richter,
slaapverwekkend maar koren op de molen van de pianist want die is van
hetzelfde laken een pak. De luchtigheid is onverdraaglijk. Vreselijk
eentonige muziek, beetje Einaudi-achtig en dus niet om aan te horen. Dat
er een label is die deze troep uitbrengt, blijft me verbazen.
Van Veen studeerde piano aan het Utrechts Conservatorium bij Alwin Bär
en Håkon Austbö en dat zegt genoeg. De eerste leeft niet meer en de
tweede bezwijkt binnenkort aan z'n kapsones die een zware last dreigt te
worden. Van Veen specialiseerde zich naar eigen zeggen als pianist en
componist in minimal music. Speelt naar eigen zeggen in op de behoefte aan beleving, voor jong en oud. Zo organiseert hij lig-en Twitter-concerten, en maakt hij muziek op een piano gemaakt van Lego-blokjes
(!)We hebben er naar geluisterd, een eenvoudig mens moet toch wat, en
kan u meedelen dat het binnen twee minuten op je zenuwgestel werkt: je
begint te zweten, winderigheid is merkbaar en, sterker nog, je krijgt
moordneigingen ('diatonisch systeem, met een repetitief karakter') en
daarom is het raadzaam geen mensen uit te nodigen tijdens het
beluisteren want de overlevingskansen van het nietsvermoedende bezoek
zijn uiterst minimaal.
We zullen Ten Holt zelfs eens aan het woord laten:
"De pianisten moeten goed op elkaar letten, elkaar signalen geven,
beurtelings de leidende partij op zich nemen, op elkaar reageren. (Ten Holt noemt dat 'de rotonde-mentaliteit'), het
is een sociaal proces, een werk in uitvoering. Als je niet meebeweegt
met je omgeving gaat het fout. Echte solisten spelen mijn stukken daarom
niet graag, die willen hun eigen weg gaan.Het middendeel van
Canto Ostinato, bijvoorbeeld, kun je gebonden spelen, maar ook
plotseling staccato en dan geeft dat een sterk klankkleur verschil. Het
gaat in mijn stukken om een sociaal proces waarin de spelers elkaar
moeten vinden. Ik heb dan wel goede pianisten nodig maar geen sterren,
want sterpianisten zijn te individualistisch en te zeer solisten. Bij
mij moeten ze een interactie met elkaar aangaan. Dat is het geheim".
Dat is juist. Er is niet één pianist van naam en faam die zich waagt aan
dit gejengel. Het zijn de lieden van de tweede en derde garnituur die
er wel brood in zien (en de duiten opstrijken) en het werk in ontelbare
versies op de markt brengen. En het publiek koopt deze rotzooi.
Onbegrijpelijk.
(Dat die Aziatische gladjanus nog geen opname uitbracht met deze troep....)
Canto Ostinato XL, Simeon ten Holt
Ten Holt: Canto Ostinato XL, 9 versions on 12 cds Canto Ostinato (version for piano) Canto Ostinato (version for two pianos) Canto Ostinato, for four pianos Canto Ostinato (version for Three Pianos & Organ) Canto Ostinato (version for Solo Organ) Canto Ostinato (version for Two Pianos & Two Marimbas) Canto Ostinato (version for Multitrack Marimbas) Canto Ostinato (version for Two Prepared Pianos) Canto Ostinato (version for Synthesizers)
PS Het Simeonkwartet speelt dit zenuwgepriegel op verschillende locaties in het land. Voor € 32.50 kunt u er bij zijn en voor die prijs krijgt u bij binnenkomst van de zaal vier Oxazepammetjes van 50 mg tegen epilepsie aanvallen en na afloop een Pervitin om u weer op de been te helpen. Er gaan inmiddels stemmen op om zowel dit kwartet alsook uitvoeringen van Canto Ostinato streng te verbieden maar dat is tot op dit moment nog niet gelukt. Helaas
Bach, Du unglaubliches Genie! Die Rückschläge und die glücklichen Momenten deines Lebens mit Kinderglück und Tod haben Dir eine unglaubliche Gabe gegeben, andere Menschen mit deiner Inspiration zu beglücken. Jedes Glück, jede Freude und jede Traurigkeit ist so nah und klar zu spüren, sie ist ergreifend und berührt meine Seele immer auf Neues! Danke dafür!
In maart 2027 wordt een muziekprijs in het leven geroepen genaamd VIVACE ter grootte van 750 euro
die elke twee jaar van harte zal worden uitgereikt aan de meest 'opvallende' jonge musicus die dit land voortbracht.
Behalve
het hierboven genoemde bedrag, bestaat de prijs bestaat verder uit een
grafisch fraai vormgegeven zeefdruk en is de verwachting dat alleen al
hierom de kandidaten in rijen van vier staan opgesteld.
Alexander Malofeev is werkelijk een fenomeen. Waanzinnig muzikaal tot in z'n poriën en het prettige gevolg daarvan is zijn sublieme spel dat ondanks zijn leeftijd, van een indrukwekkende intensiteit is. Direct bij de eerste noten hoor je dat we hier met een zeer bijzondere pianist te maken hebben.
Er zijn veel uitzonderlijke voornamelijk Russische pianotalenten en een paar daarvan zijn extra uitzonderlijk zoals Alexander Malofeev (2001). Hoe is het in mogelijk dat een jongen van nog geen achttien (tijdens bovenstaande opname) zo verschrikkelijk muzikaal is en zo ongelooflijk mooi piano speelt. Alsof-ie nooit anders deed.
De combinatie van elegantie en schoonheid in z'n spel is nu al een opvallend kenmerk van deze jonge pianist die ongetwijfeld een glanzende carriere tegemoet gaat en dat gunnen we hem natuurlijk van harte. Als je het over een meesterpianist wilt hebben, luister dan maar eens naar 'zijn' Dumka en je bent overtuigd. Perfectie bestaat niet in deze wereld met één uitzondering: Alexander Malofeev.
Er is geen pianist in Nederland te vinden die dit uitzonderlijke niveau overtreft. En waarschijnlijk ook niet in de rest van de wereld.
Da's niet raar maar wél waar.
Het nieuwste boek over Johann Sebastian Bach is een bijzonder boek,
alleen al vanwege de behandeling van de meest besproken werken: de
cantates die Bach in zijn eerste jaren in Leipzig (1723-1727). Een van
Bachs taken in Leipzig was wekelijks muziek schrijven voor de zondagse
eredienst, wat resulteerde in meer dan 100 cantates. Michael Maul, een
Duitse Bach-kenner van wie eerder onder meer een uitvoerige
beeldbiografie verscheen, gaat bij deze werken kort en duidelijk in op
de theologische en liturgische achtergronden, de tekstdichters, de
praktische kwesties bij de totstandkoming en de relatie tussen tekst en
muziek. Hij beseft het belang van al deze aspecten: hoewel in het
compositieproces de volgorde van de fasen vast lag en ligt, beseft hij
gelukkig terdege dat iedere fase de voorgaande in een nieuw licht kan
plaatsen. Tekstdichters kunnen met een zekere vrijheid cruciale
Bijbelteksten interpreteren, een componist kan dat met de tekst, een
musicus kan dat met de partituur, wij anno 2024 met materiaal van drie
eeuwen oud. Maul doet dat op kleine schaal (want een uitvoerige
bespreking van alle cantates op deze manier zou het boek vijf keer zo
dik maken), maar hij erkent het belang van wisselwerking en permanente
interpretatie van bestaand materiaal en heeft een neus voor sprekende
details. Muziek is zowel illustratie en intensivering van de tekst als
interpretatie en toetreding tot een nieuw spiritueel domein – en vooral
het spel daartussen.
Moet men Maul ondanks die prettige breedte toch plaatsen, dan is hij
vermoedelijk meer een man van het woord dan van de muziek, al gaat hij
uitvoerig in op het feit dat Bach na enige jaren in Leipzig wat
uitgekeken raakte op zijn baan en uitkeek naar een functie elders.
Instrumentale werken worden zeker niet vergeten, maar Maul is
uitvoeriger over de grote vocale werken als de Matthäus-Passion en de
Hohe Messe. Enerzijds bespreekt hij uitgebreid de religieuze aspecten
van beide stukken, anderzijds erkent hij dat Bach daarin dezelfde
compositietechnieken toepast die ook voor zijn instrumentale composities
kenmerkend zijn. Zonder het met zoveel woorden te zeggen geeft Maul
antwoord op de veel gestelde vraag wat Bach meer was: gelovige of
ambachtsman. Het sympathieke antwoord: beide, het een kan niet zonder
het ander, de vraag naar prioriteit is irrelevant. Dat Bach niet in het
hokje past van eenzijdige bewonderaars, illustreert Maul ook met zijn
bespreking van de invloeden op Bach.
Over Bach is zeer weinig bekend. Persoonlijke documenten zijn er
vrijwel niet, bij de bekende portretten worden vraagtekens geplaatst en
diverse composities zijn verloren gegaan. Pogingen zijn werk of persoon
beter te begrijpen door de context erbij te halen zijn begrijpelijk
(Christoph Wolff in zijn grote biografie maakt graag van deze methode
gebruik), maar leiden af van het feit dat Bach ook een eigenzinnig wezen
was die deed wat hij wilde ongeacht de context, in ieder geval binnen
zijn kunst, anders begrijpt men niet waarom zijn superieuren soms zeer
kritisch waren over zijn werk, hem zelfs ter verantwoording riepen en
sommigen zijn overlijden absoluut niet betreurden. Ook Maul heeft vragen
bij allerlei composities en situaties en stelt ze aan Bach, in passages
met een ongewone typografie. Uiteraard krijgt hij geen antwoord, maar
zijn vermoedens zetten ons aan het denken over Bachs motieven en nodigen
uit tot verder onderzoek waardoor die vragen wellicht ooit worden
beantwoord, al vermoed ik dat die antwoorden eerder komen van nu nog
onbekende documenten dan van een nieuwe kijk op nu bekende documenten,
al weet je het in deze kwestie natuurlijk nooit. Maul kent de
Bach-documentatie op zijn duimpje en kan goed uitleggen. Hij schrijft
niet helemaal voor beginners en legt dus niet alles uit, maar hij weet
hoe hij leken en liefhebbers aan zich moet binden. De vele illustraties
verlevendigen de tekst, de chronologie en werkenlijst zijn zeer nuttig,
via een QR-code zijn de besproken stukken te beluisteren en de vertaling
van Clemens Romijn maakt het betoog prettig leesbaar. Het geheel past
volledig bij de ondertitel: Een liefdesverklaring. Na lezing van het
boek wil men vooral luisteren en bewonderen. Mysterie of niet, de liefde
groeit.
Alexander Malofeev, piano
Daniel Lozakovich, viool
Yevgeny Chepovetsky, viool
Kit Armstrong, piano
Isang Enders, cello
Ben Kim, piano
Adam Laloum, piano
Ivan Moshchuk, piano
Victor Maslov, piano
Ryota Yamazaki, piano Daniil Trifonov, piano
Georg Li, piano
Lahav Shani, dirigent (en pianist)
Aidan Mikdad, piano
Benjamin Beilman, viool
Joshua Weilerstein, dirigent
Hannes Minnaar, piano Lukas Vondracek, piano
Chi Ho Han, piano
Braimah Kanneh-Mason, viool
Arseny Tarasevich-Nikolaev, piano
Igor Levit, piano
Luke Hsu, viool
Paul Ji, piano
Sheku Kanneh-Mason, cello
Víkingur Ólafsson, piano
Taeguk Mun, cello Seong-Jin Cho, piano
Claire Huangci, piano
Federico Colli, piano
Jeung-Beum Sohn, piano
Maxim Lando, piano
Kian Soltani, cello
Beatrice Rana, piano
Alexander Ullman, piano
Thomas Guggeis, dirigent
Reinier Wink, cello
Ingolf Wunder, piano
Ziyu He, viool
Nicolas Namoradze, piano
Ivan Bessonov, piano Eric Lu, piano
Andrei Gologan, piano
Klaus Mäkelä, dirigent (én cellist)
Pavel Kolesnikov, piano
Thomasz Ritter, piano
Tony Siqi Yun, piano
Alexandre Kantorow, piano Jean Rondeau, klavecimbel
Jeung-Beum Song, piano
Martin James Bartlett, piano (onthouden die naam...!)
Thomas Beijer, piano
Cristian Grajner de Sa, viool
Can Cakmur, piano
Dmitry Shishkin, piano
Teo Gertler, viool (11 jaar!)
Tae-Hyung Kim, piano
Zlatomir Fung, cello
Christian Li, viool
Emanuil Ivanov, piano
Anton Mecht Spronk, cello
Haruma Sato, cello
Christian de Sa, viool
Emmanuel Tjeknavorian, viool
Long Long, tenor
Sergey Belyavsky, piano
Duncan Ward, dirigent (én componist)
Nikola Meeuwsen, piano